De trainingen worden vanuit het Familiehuis in Enschede aangeboden en zijn gratis toegankelijk. De gemeente ziet kansen om hiermee complexe scheidingen te voorkomen en kinderen een sterkere start te geven in de eerste levensjaren.

“Er bestaat geen relatie zonder problemen”, zegt Manon. “Maar als ouders begrijpen wat er onder hun dagelijkse discussies schuilgaat, ontstaat er ruimte om iets te doorbreken voordat het escaleert.”

Stedelijke aanpak

Het Familiehuis is een samenwerking tussen Alifa, jeugdgezondheidszorg, wijkteams en Humankind. Het is een laagdrempelige plek in de wijk waar de organisaties onder één dak samenwerken om jonge gezinnen te ondersteunen. Ze richten zich daarbij specifiek op de eerste duizend dagen van het kind, een periode die volgens onderzoek bepalend is voor de emotionele ontwikkeling.

Binnen het wijkteam zijn meerdere professionals opgeleid in Emotionally Focused Therapy (EFT), onder wie Manon zelf, Sandra Knaap en Lotte van Rijswijk. Sandra past de vereenvoudigde lemniscaat uit de EFT-methodiek inmiddels toe in trainingen rondom veiligheid voor vrouwen die nare of destructieve relaties hebben meegemaakt. “De herkenning bij deelnemers was groot”, vertelt Manon. “Ze zagen wat hun partner deed, maar ook hun eigen plek in het patroon. Dat inzicht geeft ongelooflijk veel regie terug.”

Met de introductie van Houd me Vast maken de wijkteams vanuit het Familiehuis nu de stap naar een stedelijke aanpak voor relatieondersteuning. Vanaf april start de eerste training, gevolgd door meerdere rondes per jaar.

Verminderen systeemlast

De aanleiding om relatieondersteuning vroegtijdig aan te bieden komt voort uit cijfers die ook in andere gemeenten herkenbaar zijn. Zeker 20% van de scheidingen in Enschede verloopt complex, vertelt Manon. Professionals in de jeugdbescherming besteden zo’n 70% van hun tijd aan gezinnen waar communicatie al langere tijd is vastgelopen.

“We merkten dat er in de wijk nauwelijks aanmeldingen waren voor relatiegesprekken, terwijl er wel veel relatieproblemen zijn”, zegt Manon. “Veel vinden het lastig om hulp te zoeken. Door dichtbij, laagdrempelig en kosteloos hulp te bieden, halen we die drempel weg.”

Waar veel gemeenten terughoudend zijn vanwege budgetten, pakt Enschede het anders aan. Het management en de directie kozen er bewust voor de methode te omarmen. De gemeente ziet daarnaast dat relationele problemen vaak doorwerken in het gedrag, welzijn en schoolloopbaan van kinderen. “Je kunt wachten tot situaties escaleren, maar dan ben je als wijkteam altijd te laat en veel duurder uit. Wij willen juist de voorkant versterken om zo escalatie te voorkomen”, aldus Manon.

Werken aan inzicht

De trainingen worden aan stellen in groepsverband gegeven, begeleid door professionals uit de wijk die door Stichting EFT Nederland zijn getraind. Deelnemers reflecteren op hun emoties, onderliggende patronen en manieren van reageren. “Het gaat niet om therapie in de traditionele zin”, zegt Manon. “We bieden een programma dat ouders helpt te begrijpen wat er gebeurt in hun interacties. Dat levert vaak al veel rust op in het gezin.”

Volgens haar werkt het normaliserend dat meerdere stellen tegelijk deelnemen. “Iedereen ziet dat anderen met vergelijkbare dingen worstelen. Dat haalt de schaamte eraf.” Ouders kunnen zich zelf aanmelden, maar ook professionals zoals verloskundigen, consultatiebureaus en scholen kunnen actief doorverwijzen.

Een aanpak met potentie voor andere gemeenten

Hoewel de training in Enschede net van start gaat, ziet Manon al duidelijk wat het kan opleveren. “Als ouders leren hoe ze elkaar kunnen bereiken als het moeilijk is, werkt dat door in hoe ze met hun kinderen omgaan. Je versterkt het hele gezinssysteem.”

Andere gemeenten tonen volgens Stichting EFT Nederland toenemende interesse in relationele preventie. Het voorbeeld van Enschede sluit aan bij eerdere samenwerkingen in onder andere Leusden, Eindhoven en Gouda.

Manon: “We kunnen vanuit wijkteams Enschede veel voorkomen door eerder in te zetten op gezonde relaties. Dat is niet alleen goed voor ouders, maar zeker ook voor kinderen. En uiteindelijk voor het hele zorgsysteem.”

Deel artikel

Gerelateerd nieuws