Nederland en haar opvattingen over trouwen, samenwonen en scheiden

  • 07 mei, 2020;

In de afgelopen decennia is er veel veranderd op het gebied van trouwen, samenwonen en scheiden. Rond de jaren zeventig was het nog vrij normaal om te trouwen vanuit het huis van je ouders en om dan samen te wonen met je partner. Kinderen kreeg je pas daarna. Scheiden was nog niet zo ‘geaccepteerd’ in de maatschappij als dat het nu is. Nu in de jaren twintig van de 21e eeuw is dat anders geworden. Modernisering, emancipatie en individualisering spelen hier een rol in. Hoe kijkt Nederland nu aan tegen trouwen, samenwonen en scheiden?

Het CBS heeft in 2017 een onderzoek gedaan bij Nederlandse bewoners over hun opvattingen, belevingen en meningen over deze drie onderwerpen. In het onderzoek werd aan ruim 3000 personen van 18 jaar of ouder de volgende stellingen voorgelegd, waarin de personen moesten aangeven of zij dit goed of slecht vonden:

  1. Meer stellen gaan samenwonen voordat ze gaan trouwen.
  2. Meer stellen gaan niet trouwen.
  3. Meer huwelijken eindigen in een echtscheiding.
  4. Meer stellen krijgen kinderen zonder dat ze getrouwd zijn.
  5. Meer kinderen brengen een deel van hun jeugd door in een eenoudergezin.

In 2019 heeft het CBS een artikel gepubliceerd om de resultaten van dit onderzoek nogmaals te bespreken en toe te lichten. In dit artikel bespreken wij hiervan de belangrijkste bevindingen van dit onderzoek.

Men vindt trouwen voor samenwonen niet noodzakelijk
De stelling waarvan 75 procent van de ondervraagden het als goed ervaarden, is dat meer stellen gaan samenwonen voordat ze gaan trouwen. “De reden dat stellen eerst gaan samenwonen, is om elkaar beter te leren kennen in een samenwoonrelatie, zodat de stap naar het huwelijk meer doordacht wordt gemaakt” zegt Esther Kluwer, bijzonder hoogleraar duurzame relaties en welzijn, in een artikel van Trouw. Dat steeds minder stellen gaan trouwen, wordt als niet goed, maar ook niet slecht ervaren: de helft van de ondervraagden zegt geen uitgesproken mening te hebben over het feit dat veel stellen ervoor kiezen om niet in het huwelijksbootje te stappen.

Over trouwen en samenwonen liggen de meningen verdeeld als we kijken naar bijvoorbeeld leeftijd. De jongste groep, 18 tot 30 jaar, staat het meest neutraal tegenover het feit dat meer stellen eerst gaan samenwonen, daarna gaan trouwen of juist helemaal niet gaan trouwen. Kortom: niet uitgesproken negatief, maar ook niet uitgesproken positief. Van de oudste leeftijdsgroep, 70-plussers, vindt ruim 20 procent het geen goede zaak dat stellen niet meer gaan trouwen. Het samenwonen voor het huwelijk roept minder negatieve meningen op, maar vooralsnog is deze leeftijdsgroep hier ook wat terughoudender over.

Men vindt toename scheidingen een slechte ontwikkeling
Terwijl samenwonen en trouwen verschillende meningen opwekt bij de verschillende leeftijdsgroepen, komen de meningen over scheidingen vrijwel allemaal met elkaar overeen: scheiden is en blijft onwenselijk. Ruim drie kwart van de ondervraagden heeft in het onderzoek aangegeven dat zij de toename van scheidingen een slechte zaak vinden. Het CBS lichtte hier wel bij toe: “Het gaat er bij de stelling in het onderzoek Belevingen echter niet om of scheiden op zichzelf goed- of afgekeurd wordt, maar om een verandering in het aantal huwelijken dat eindigt in een scheiding”. Als we ook kijken naar de cijfers van het aantal echtscheidingen door de jaren heen, dan kunnen we zien dat de hoeveelheid echtscheidingen fors zijn gestegen. In 1960 lag het aantal echtscheidingen op 5 600, in 1970 waren het er 10 300 en vanaf daar was het een stijgende lijn en tellen we vanaf 1995 meer dan 30 000 echtscheidingen in per jaar.

Waarom liggen de echtscheidingen dan zo hoog? We komen nog even terug op de uitspraak van Esther Kluwer, waarin ze zegt dat een samenwoonrelatie een toekomstig huwelijk meer doordacht maakt. Maar daar zit een staartje aan: “Het zou tot stabielere huwelijken moeten leiden, maar dat is in de praktijk niet het geval” zegt Kluwer. Volgens Kluwer hebben stellen die eerst gaan samenwonen niet meer kans tot een beter, gezonder en langer huwelijk. Sterker nog, uit onderzoek blijkt dat stellen die eerst gaan samenwonen voor het trouwen sneller gaan scheiden. “Dat komt niet zozeer door het samenwonen zelf, maar is deels te verklaren doordat de groep die eerst samenwoont minder waarde hecht aan het huwelijk”, verklaart Kluwer. “Ze zijn minder conventioneel en staan minder afwijzend tegenover scheiden. Voor hen is de drempel om uit elkaar te gaan lager.” Wat wel interessant is, is dat de gemiddelde huwelijksduur bij echtscheidingen langer is geworden in de afgelopen 70 jaar. Waar in 1950 na gemiddeld 11,2 jaar het huwelijk werd beëindigd, ligt het getal sinds 2016 op 15,0 jaar.

Men vindt het niet goed dat meer kinderen opgebracht worden door één ouder
Ook het feit dat steeds meer kinderen opgroeien in een eenoudergezin wordt door een grote meerderheid – 65 procent – als slecht ervaren. Volgens een onderzoek wordt een scheiding sneller afgekeurd door buitenstaanders als er kinderen bij betrokken zijn in vergelijking met als er geen kinderen in het spel zitten. Uit cijfers zien we dat tussen 1995 en 2019 het aantal eenouderhuishoudens zijn gestegen van 360 000 naar meer dan 580 000 huishoudens. Hierbij moeten we ook rekening houden dat eenoudergezinnen niet alleen ontstaan door echtscheidingen. Factoren zoals verweduwing of kinderen krijgen zonder partner spelen ook een rol in de bovengenoemde cijfers.

Men vindt kinderen krijgen zonder getrouwd te zijn niet goed, maar ook niet slecht
De stelling ‘Meer stellen krijgen kinderen zonder dat ze getrouwd zijn’ roept vrijwel dezelfde mening op als de stelling ‘Meer stellen gaan niet trouwen’: ook hier zegt de helft van de ondervraagden dat zij neutraal staan tegenover dit feit. Hierin zien we weer dat de meningen verschillen tussen de leeftijdsgroepen. Je zou denken dat de jongste leeftijdsgroep, 18 tot 30 jaar, het meest positief zou zijn over deze ontwikkeling, maar dat is niet zo. Zij zijn juist het meest neutraal. Het zijn de mensen tussen de 40 en 50 jaar die kinderen krijgen zonder getrouwd te zijn goed vinden: 20 procent heeft dit aangegeven. De leeftijdsgroep 30 tot 40 jaar volgt nauw daarna met 18 procent die zegt dat zij het goed vinden. Het is misschien wel te verwachten dat de leeftijdsgroep 70 jaar of ouders het meest negatief is over deze stelling: bijna een kwart van deze groep vindt het slecht dat niet-gehuwde stellen aan kinderen beginnen.