Artikel: Gelijkenis tussen partners kan negatieve effecten van onveilige hechting in relatie deels opvangen (Henk Jan Conradi

  • 10 maart, 2021;

Gelijkenis tussen partners kan negatieve effecten van onveilige hechting in relatie deels opvangen

Er is onlangs weer een interessant artikel van de hand van Henk Jan Conradi en collega’s gepubliceerd over hechting; een absolute aanrader om te lezen voor iedere EFT therapeut omdat het interessante conclusies heeft die je mee kunt nemen naar de praktijk.

Henk Jan Conradi over het onderzoek:

“In een boek van Gottman las ik jaren geleden een uitspraak in trend van “Als partners op elkaar lijken op de manier waarop ze conflicten aan gaan met elkaar ongeacht of het functioneel of disfunctioneel gedrag is dan werkt dat relatief positief op de relatie”

‘Disfunctioneel conflictgedrag is natuurlijk slecht, echter het feit dat ze hetzelfde conflictgedrag hebben zou een verzachtend effect hebben.” Dat vond ik nogal een boude uitspraak en daarvan dacht laten we eens naar hechting kijken hoe het daar werkt. Hechting is natuurlijk een manier om emoties te reguleren tussen partners.

Wat een sterk punt aan dit onderzoek is de sample van 1000 echtparen, kom daar maar eens om, daar ben ik echt heel trots op. Dit is echt een afspiegeling van de Nederlandse bevolking. Het was een leuk onderzoek, vooral om die hypothese echt te onderzoeken. Dit is nog nooit gebeurd.”

2 februari 2021

Menig relatie of huwelijk staat in deze coronatijd onder hoogspanning. Pre-corona rapporteerde al bijna een op de drie paren serieuze problemen in hun relatie. Onveilige hechting is slecht voor je relatie. Maar als partners in dat opzicht op elkaar lijken, en ze in gelijke mate de neiging hebben zich aan de ander vast te klampen of zich juist onafhankelijk van elkaar op te stellen, kan dit problemen verzachten. Dit blijkt uit onderzoek van Henk Jan Conradi, klinisch psycholoog aan de UvA, en collega’s. Het team onderzocht een representatieve steekproef van ruim 1.000 Nederlandse paren.

Een bevredigende relatie is goed voor je psychologisch en lichamelijk welzijn. Zo kan een goede relatie bijvoorbeeld werken als een buffer tegen stress. Omgekeerd kunnen onbevredigende relaties juist stress veroorzaken of versterken. ‘De kwaliteit van een relatie wordt voor een groot deel bepaald door de manier waarop partners omgaan met hun emoties en de mate waarin zij behoeften vervuld zien worden, zoals het zich geliefd en gesteund voelen door hun partner in tijden van stress’, vertelt Conradi. Hechting speelt hierin een belangrijke rol. ‘Veilig gehechte mensen vertrouwen erop dat hun partner er voor hen is en steun geven als ze er om vragen. Als ze stress ervaren, zoeken ze hun partner op en vragen ze om bevestiging en hulp. Relaties varen daar wel bij.’

Pushen, verwijten en vermijden

Als mensen echter de ervaring hebben soms wel en soms niet afgewezen te worden als ze nabijheid zoeken, ontstaat angst voor afwijzing. Om die angst te bezweren hebben angstig gehechte partners de neiging om uit zelfbescherming zich aan hun partner vast te klampen en hen te pushen steun en bevestiging te geven. Als ze die steun en bevestiging vervolgens niet krijgen, kunnen ze boos en verwijtend worden. Dat zet de relatie onder druk’, aldus Conradi. Daarnaast zijn er vermijdend gehechte mensen. Die gaan ervan uit dat hun partner toch geen steun zal geven en kiezen er daarom voor afstand te houden tot hun partner. ‘Zij vragen liever niet om steun en geven die zelf vaak ook niet. Zij lossen hun problemen liever zelf op, maar dit ondermijnt de band met de partner.’

Minder instabiel dan verwacht

Conradi: ‘Ons onderzoek bevestigt de resultaten uit eerdere studies dat onveilige hechting slecht is voor je relatie. Angstige hechting en vooral vermijdende hechting hangen samen met meer ontevredenheid over de relatie en meer instabiliteit van de relatie. Maar hoe zit het als partners op elkaar lijken? Zijn ze dan beter af, omdat ze elkaar bijvoorbeeld beter begrijpen? ‘Twee even angstig of vermijdend gehechte partners hebben een minder instabiele relatie dan je op het eerste gezicht zou denken, zag Conradi. ‘Als beide partners in gelijke mate de neiging hebben zich aan de ander vast te klampen of zich juist onafhankelijk van de ander op te stellen, kan dit de negatieve effecten van onveilige hechting deels compenseren. Partners zullen dan minder snel uit elkaar gaan. Mogelijk herkennen ze zich in elkaars manier van omgaan met emoties en kunnen ze daardoor meer begrip voor elkaar opbrengen, wat hun relatie ten goede komt.’

Voor relatietherapeuten betekenen de uitkomsten volgens Conradi dat het primaire behandeldoel het veiliger maken van de hechtingsrelatie tussen de partners moet zijn. Maar het betekent ook dat als partners in vergelijkbare mate restklachten hebben van angstige of vermijdende hechting dit niet altijd problematisch hoeft te zijn.

Publicatiegegevens

H.J. Conradi, A. Noordhof en J.H. Kamphuis: ‘Satisfying and stable couple relationships: Attachment similarity across partners can partially buffer the negative effects of attachment insecurity’, in: Journal of Marital and Family Therapy (25 januari 2021). DOI: 10.1111/jmft.12477